Over de Environmental Sustainability Index
Het klonk begin dit jaar als het zoveelste slechte nieuws over het milieu. Nederland maakte
op de door de Amerikaanse Yale University opgestelde Environmental Sustainability Index (ESI)
een forse duikeling op de ranglijst van de 146 onderzochte landen. In 2001 stond Nederland nog
op plek 12. Nu moest Nederland genoegen nemen met plaats 40, net onder de Afrikaanse
republiek Kongo. Finland is volgens de ranglijst het groenste land van de wereld.
newton 11
De vraag is of Nederland zich zorgen
moet maken over de nieuwe rangorde.
Het GroenLinks Tweede Kamerlid
Wijnand Duyvendak zag in elk geval aanleiding
om staatssecretaris Van Geel van
milieu in het parlement aan de tand te
voelen. Hij wilde weten of Van Geel na
lezing van de Index niet vond dat het
kabinetsbeleid onvoldoende was. Het
antwoord van de bewindsman was, niet
geheel verrassend overigens, ontkennend.
Duyvendak enkele maanden later
op zijn werkkamer: “Van Geel zei toen
Finland: groen en dunbevolkt
dat de lagere positie op de ranglijst vooral
een gevolg was van een andere berekeningsmethode.
Zijn verdediging was
verder dat je naar alle factoren moet kijken
die de ESI bepalen. De wetenschappers
kijken zowel naar de toestand van
het fysieke milieu als naar het beleid.
Wat dat laatste betreft scoort Nederland
in vergelijking met andere landen volgens
de staatssecretaris niet slecht.”
Babette Gräber, de woordvoerster van
staatssecretaris van Van Geel, zegt dat er
geen bewijs is dat het milieu achteruit
newton 10
holt. “In de Milieubalans van dit jaar kan
je bijvoorbeeld lezen dat de kwaliteit van
lucht en water in de afgelopen tien jaren
vooruit is gegaan, “ vertelt ze. “Dat wil
overigens niet zeggen dat we als het om
de vervuiling van de lucht gaat, aan de
Europese normen voldoen.”
Relatief
Volgens haar dankt Nederland de relatief
lage positie op de index op de nadruk die
is gelegd op de belasting van de natuurlijke
omgeving per vierkante kilometer. >>
Wie is nu
het meest milieubewust?
Global Energy
newton 13 newton 12
“Nederland is een dichtbevolkt land en
dat betekent dat de vervuiling in vergelijking
met een land als Finland al snel
relatief hoog is,” aldus de woordvoerster.
“Je moet ook eens naar de positie van
onze zuiderburen kijken. Die staan op
plaats 112. Toch voert België een stringenter
beleid dan de Afrikaanse landen
die hoger scoren.”
In België is er dan ook forse kritiek op de
manier waarop de lijst is samengesteld.
Zo zou er bij de beoordeling alleen gekeken
zijn naar de maatregelen van de
federale regering, terwijl in dit land de
Vlaamse, Waalse en Brusselse deelregeringen
veel beleid uitvoeren. Ook is er bijvoorbeeld
kritiek op de manier waarop
de onderzoekers het gebruik van bestrijdingsmiddelen
wegen. Ze kijken alleen
naar hoeveelheid. In België worden echter
veel zwaardere eisen aan de kwaliteit
van de middelen gesteld dan in de
Afrikaanse landen die het in de index
beter doen. Nederland komt er volgens
Gräber onder andere relatief slecht vanaf
omdat de onderzoekers afvalinzameling
niet meerekenen. “Nederland doet het
wat dat betreft buitengewoon goed.”
Sceptisch
Kritiek is er natuurlijk ook uit de hoek van
de mensen die aangeduid worden als de
‘milieusceptici’. Zij vinden het beeld dat
de media en politici van de ontwikkeling
van de natuur schetsen veel te negatief.
Een van hen is de chemicus Jaap
Hanekamp, vertegenwoordiger van de
Heidelberg Appeal Group Nederland, die
zich volgens haar doelstellingen teweer
stelt tegen ‘pseudo-wetenschappelijke
argumenten en onjuiste informatie met
betrekking tot kwesties als het milieu, de
landbouw en de biotechnologie’. Het
grootste bezwaar van Hanekamp en zijn
geestverwanten is dat de CO2-uitstoot zo
zwaar meeweegt in de index. Zij geloven
namelijk niet dat die bijdraagt tot het
broeikaseffect.
“Verder is het de vraag hoe je bepaalde
ontwikkelingen interpreteert,” zegt
Hanekamp. “Een van de onderwerpen
waar Nederland bijvoorbeeld slecht op
scoort is de hoeveelheid stikstof die vrijkomt.
Dat is het gevolg van intensief
gebruik van kunstmest. Maar het gevolg
daarvan is dat we ons landbouwareaal
effectiever kunnen gebruiken, dus minder
oppervlakte nodig hebben. Dat vind
ik juist positief.”
Nuttig
Toch vindt hij niet dat het hele onderzoek
maar in de prullenbak dient te verdwijnen.
Zijn geestverwant Hans Labohm, als
gastonderzoeker verbonden aan het
Instituut Clingendael, valt hem daarin bij.
“Dit soort exercities zijn nuttig. Het
woordgebruik is bovendien voorzichtig.
De toon is eens een keer niet alarmerend.
De tekortkomingen van de
benadering meten de onderzoekers zelf
breed uit. Zo hoort het in de wetenschap!”
Hun ‘natuurlijke opponent’ Duyvendak
vindt eveneens dat bij de bevindingen
van de Yale University een slag om de
arm moet worden gehouden. Maar hij wil
de index niet te veel relativeren. “Ik vind
het argument van Van Geel, dat de
berekeningsmethode is veranderd, niet
overtuigend. Ook in jaren dat dit niet is
gebeurd, zakte Nederland op de ranglijst.
De ESI vergelijkt landen niet alleen op
een totaallijst, maar maakt ook per land
een vergelijking met een peer group van
landen met vergelijkbare kenmerken.
We scoren nu onder het gemiddelde
van deze groep; in 2001 en 2002 scoorden
we nog hoger. Bovendien is het goed dat
we regelmatig gewaarschuwd worden
dat de druk op het milieu in dit deel van
de wereld veel te hoog is.” •
Nederland is een dichtbevolkt land
en dat betekent dat de vervuiling in vergelijking met
een land als Finland al snel relatief hoog is
Environmental
Sustainability Index
Report - Ranglijst
1. Finland
2. Noorwegen
3. Uruguay
4. Zweden
5. IJsland
6. Canada
7. Zwitserland
8. Guyana
9. Argentinië
10. Oostenrijk
11. Brazilië
30. Japan
31. Duitsland
33. Rusland
36. Frankrijk
39. Kongo
40. Nederland
45. USA
65. Verenigd Koninkrijk
69. Italië
76. Spanje
101. India
102. Polen
112. België
133. China
146. Noord-Korea
Volledige ranglijst is te vinden op
www.yale.edu/esi
Ondanks het stringente Vlaamse beleid in
de Antwerpse haven scoort België laag
Uitstoot door verkeer scoort niet op ESI
Meer informatie
www.yale.edu/esi
www.stichting-han.nl
www.clingendael.nl